Nabestaanden busongeluk vragen Hering om in te grijpen

Dagblad Suriname
16/05/2006

Nabestaanden busongeluk eisen berechting buseigenaar
Een zestal nabestaanden van de slachtoffers van het busongeluk dichtbij Wageningen,togen gisteren naar de Constantin Foundation om in samenwerking met directeur Geor Hering, een brief naar de procureur-generaal (PG) te sturen om te vragen dat er een nieuw justitieel onderzoek van het ongeluk plaatsvindt. Ze willen dat de eigenaar van de bus,een zekere Bobby, wordt berecht voor dood door nalatigheid en onkunde.

 

Volgens getuigen in de bus reed de bestuurders met een snelheid van rond de 150 km per uur, wat strafbaar is. Ook zijn er sterke indicaties dat er een andere persoon achter het stuur zat ten tijde van het ongeluk. Deze persoon is volgens onze bron de eigenaar zelf en beschikt notabene niet over een geldig rijbewijs. Deze man is nog in leven. Dat de oorzaak van het ongeluk een klapband is, is een feit dat afgeleid kan worden uit de verklaring van getuigen dat de eigenaar meerdere keren tijdens de rit tegen de banden heeft geschopt om zodoende na te gaan of er voldoende spanning op de banden was. Daarna is hij volgens deze getuigen minimaal drie (3) keren gestopt langs de weg om met een voetpomp de bandenspanning te vergroten.

 

De eigenaar, geconfronteerd met zijn handelen,reageerde hierop zeer bedreigd. Dit is een ernstige vorm van nalatigheid en de bron geeft aan dat de eigenaar onzorgvuldig en onverantwoordelijk heeft gehandeld en daarmee het leven van passagiers bewust in gevaar heeft gebracht. De nabestaanden zijn helemaal niet te spreken over het ongeval, daar de politie de mensen helemaal niet heeft ingelicht over de verdere gang van zaken en omdat de eigenaar van de bus nog steeds vrijloopt. Ze vinden het een kwalijke zaak, daar de eigenaar van de bus niet eens contact met de nabestaanden heeft opgenomen en nog minder voor eventuele onkosten heeft ingestaan. De nabestaanden vinden dat de tijd nu rijp genoeg is om de buseigenaar voor het gerecht te slepen, daar zij vinden dat misschien daarmee hun dierbaren die zijn omgekomen, dan pas tot rust zullen komen.